Commentaar bij havo-examen scheikunde 2018 1e tijdvak

Vraag 4:
Deze vraag is algemeen geformuleerd en slaat niet specifiek op de erboven beschreven situatie.
Het correcte antwoord is in dit geval, anders dan in het cv vermeld, “ionen en die kunnen voor stroomgeleiding zorgen omdat ze geladen zijn”. Het kunnen bewegen is geen criterium voor het kunnen geleiden van stroom want moleculen kunnen ook bewegen en die zorgen toch niet voor het geleiden van stroom.
Om het in het cv gewenste antwoord te krijgen had de vraag bijvoorbeeld als volgt geformuleerd kunnen zijn: “…. en geef aan waardoor ze in dit geval voor stroomgeleiding kunnen zorgen.”

 

Onder vraag 7:
Door inbouwen van As-atomen in plaats van P-atomen verandert de structuur van het DNA. Betekent structuur hier structuurformule?

 

Boven vraag 9:
“zinkpoeder (stof 1)”
De naam van de stof is zink.

“… zoutzuur (stof 2)”
Zoutzuur is geen stof maar een oplossing/mengsel.

Had bijvoorbeeld zo gekund: .. kunststof zakje 1 met zinkpoeder en kunststof zakje 2 met zoutzuur.

Consequent zou de tekst bij het derde plaatje van de bijsluiter dan kunnen zijn: Voeg toe: de inhoud van zakje 1 en de inhoud van zakje 2.

 

Boven vraag 11:
Incorrect taalgebruik wat betreft micro/macro.
De sulfide-ionen reageren niet met het overgebleven zoutzuur tot H2S maar met de overgebleven H+-ionen tot H2S-moleculen.
Dit is des te wranger omdat in het cv van vraag 32 “water” wel tot puntenaftrek leidt en “watermoleculen” niet.


Boven vraag 21:
Boven figuur 2 had “verkleind” (o.i.d.) moeten zijn toegevoegd: “… chromatogram verkleind weergegeven.”
Waarom is het niet op ware grootte weergegeven, daar was genoeg plaats voor op blz.10

 

Boven vraag 23:
Is de tekening in de figuur niet (ook) een gedeelte van de structuurformule van lignine? Wanneer is sprake van een structuur en wanneer van een structuurformule? Staan in BINAS-tabel 67F3 structuren of structuurformules?

Vraag 23:
Een structuurformule kan, net als een molecuulformule, ook op macroniveau geïnterpreteerd worden. (Zie “Macro-micro in examens” in NVOX van oktober 2018.) Het kan ook worden afgeleid uit de reactievergelijking boven vraag 26.
Het antwoord uit het cv “Er is een stof weergegeven, dus het is een weergave op macroniveau” zou dus goed gerekend moeten worden.

 

Vraag 32:
Het cv is wat betreft micro-formulering inconsequent want bij water is wel de toevoeging ‘moleculen’ vereist maar bij EFTE niet de toevoeging ‘ketens/moleculen’.